Neurosarcoïdose: inventarisatie manifestaties

Inventarisatie manifestaties neurosarcoïdose en evaluatie ‘best clinical practice’

Sarcoïdose is een zeldzame stoornis van het afweersysteem, waarbij er ontstekingen kunnen ontstaan in vrijwel alle organen en weefsels van het lichaam. De longen en lymfklieren worden het meest getroffen. Bij zo’n ontsteking worden er veel afweercellen aangemaakt (witte bloedlichaampjes), die zich vervolgens ophopen. Zo’n ophoping noemen we een granuloom. De oorzaak is onbekend. Het vaststellen van de diagnose vormt geregeld een uitdaging. Regelmatig zijn hierbij meerdere specialismen betrokken.

Neurosarcoïdose
Als het zenuwstelsel is aangedaan, spreekt men van neurosarcoïdose. Neurosarcoïdose is een ernstige uitingsvorm van sarcoïdose. Dit kan gepaard gaan met lokalisatie elders in het lichaam, maar kan ook de enige manifestatie zijn. Neurosarcoïdose is een complexe en zeldzame aandoening, die zich met allerlei neurologische symptomen kan presenteren, afhankelijk van de betrokken lokalisatie in het zenuwstelsel. Vermoedelijk heeft ongeveer 3-5% van de sarcoïdosepatiënten neurosarcoïdose. Geschat wordt dat Nederland ongeveer 10.000 sarcoïdosepatiënten telt, van wie dan 300-500 patiënten neurosarcoïdose zouden hebben. Exacte gegevens ontbreken echter. Aangezien de klinische manifestaties zeer divers kunnen zijn, het herkennen lastig zijn en wordt het in de praktijk vaak laat ontdekt. Vooralsnog zijn er geen richtlijnen hoe neurosarcoïdose het best vast te stellen is en hoe de diverse manifestaties te behandelen. Concrete kennis over de optimale zorg van deze patiënten ontbreekt.

Onderzoek
Het doel van dit onderzoek is in kaart brengen van het voorkomen van verschillende manifestaties van neurosarcoïdose (prevalentie). Daarnaast zal het diagnostisch traject en de behandeling van de verschillende uitingen van neurosarcoïdose geïnventariseerd worden. Het streven is om meer inzicht in dit ziektebeeld te krijgen en daardoor diagnostische en therapeutische (behandel) strategieën te ontwikkelen om zo betere zorg aan deze groep patiënten te kunnen gaan bieden. Via de website neurosarcoidose.nl kunnen patiënten met neurosarcoïdose zich zelf aanmelden voor deze inventarisatie. Daarnaast zullen we in verschillende ziekenhuizen (o.a. Alrijne ziekenhuis Leiden, St. Antonius Ziekenhuis, locatie Nieuwegein) actief patiënten met neurosarcoïdose benaderen om deel te nemen.

Vragenlijsten
De volgende vragenlijsten zullen worden gebruikt:
King’s sarcoidosis questionnaire (KSQ): ziekte specifieke kwaliteit van leven vragenlijst,
MS impact profile (MSIP): vragenlijst die inzicht geeft in functioneringsproblemen en in de beleving van deze problemen,
Small Fiber Neuropathy ScreeningsList (SFNSL): vragenlijst naar klachten passend bij dunne vezelneuropathie,
Visueel Analoge Schaal (VAS): pijnscore, een 10 cm lange lijn waar een streepje opgetekend dient te worden van het getal 0, wanneer er geen pijn is tot het getal 10, wanneer de pijn het sterkst is,
Fatigue Assessment Scale (FAS): vermoeidheidsscore,
Vragenlijks betreffende medicijngebruik.

Informatie
Zie ook: link
Artikel Sarcoscoop: Voortman M, Hendriks C. Neurosarcoïdose en dunne vezelneuropathie. SarcoScoop 2017; 36 (2): 22-25.

Hoofdonderzoeker
Mareye Voortman, MD, fellow ILD Center of Excellence St. Antonius Ziekenhuis, locatie Nieuwegein.

Version 2

Mareye Voortman is een enthousiaste longarts die haar specialisatie heeft afgerond in mei 2016. Zij heeft geneeskunde gestudeerd aan de Universiteit van Utrecht waar zij in 2008 afstudeerde. Aansluitend werkte zij als ANIOS Longziekten in het Universitair Medisch Centrum Utrecht waar zij in 2009 gestart is met haar specialisatie tot longarts. Tijdens haar specialisatie heeft zij zich verder verdiept in de interstitiële longziekten (ILD). Zij heeft  een verdiepingsstage ILD in het St. Antonius Ziekenhuis Nieuwegein gevolgd en een ILD-systeemziektenpoli opgezet in het UMC Utrecht. Vanaf 2015 doet ze onderzoek bij patiënten met de ziekte van Sjögren met daarbij manifestaties van ILD. In dit onderzoek wordt gekeken naar de verschillende ILD patronen op de hoge resolutie CT scan (HRCT) en correlaties met de pathologie en bepaalde fenotypen bij patiënten met de ziekte van Sjögren (systeemziekte). Na het afronden van haar specialisatie is zij in juni 2016 gestart als fellow ILD in het UMC Utrecht en St. Antonius Ziekenhuis locatie Nieuwegein en tevens gestart met bovenstaand neurosarcoïdose onderzoek.

Supervisoren
Prof. dr. M. Drent, ILD Expertise Centrum, St. Antonius Ziekenhuis, locatie Nieuwegein, en Vakgroep Farmacologie en Toxicologie, FHML, UM, Maastricht, NL
Dr. E. Hoitsma, neuroloog Alrijne ziekenhuis Leiden, NL
Prof. J.C. Grutters, ILD Expertise Centrum, St. Antonius Ziekenhuis, locatie Nieuwegein en Afdeling Longziekten UMC Utrecht, NL
Dr. O.J.M. Vogels, neuroloog, ILD Expertise Centrum, St. Antonius Ziekenhuis, locatie Nieuwegein, NL

Project team
Drs. M. Voortman; prof. dr. M. Drent; dr. E. Hoitsma, dr. O.J.M. Vogels; prof. dr. J.C. Grutters, drs. E. van Noort (CuraVista)
 
Periode
2016-2017 
 
Subsidie
ZonMW, NL

1-1_logo_ZonMw

 

 

ild care foundation, NL

logo-ildcare-foundation-cbf

 

 

 

SBN Sarcoïdose Belangenvereniging Nederland

SBN_logo 2

 

 

De Sarcoïdose Belangenvereniging Nederland (SBN) steunt dit project. Zij hebben € 3.000 ter beschikking gesteld. Deze bijdrage zal worden gebruikt om in maart-april 2017 een speciale informatiebijeenkomst te plannen voor patiënten met centrale neurosarcoïdose in samenwerking met de SBN. Voor alle duidelijkheid, dit betreft deze keer niet de patiënten met dunne vezelneuropathie.

MEC nummer
W16.051
Due to the character of this study and according to the criteria as mentioned above, approval by a Medical Ethics Committee was not required. Research with human subjects falls under The Medical Research Involving Human Subjects Act (WMO) in the Netherlands. Studies involving human subjects must undergo a medical ethics review if they are subject to the Medical Research Involving Human Subjects Act (WMO).

Referenties

Hoitsma E, Drent M. Neurosarcoïdose en dunne vezel neuropathie in het kader van sarcoïdose: pijnlijke klachten. Modern Medicine 2015; 4: 122-124.

Datema M, Tannemaat MR, Drent M, Hoitsma E. Neurosarcoïdose, para-neurosarcoïdose en www.neurosarcoïdose.nl. [Neurosarcoidosis and paraneurosarcoidosis: new online registration of patients]. Ned Tijdschr Geneesk 2015: 189: A8383.

Hoitsma E, Faber CG, Drent M, Sharma OP. Neurosarcoidosis: a clinical dilemma. Lancet 2004; 3:397-407.

Hoitsma E, Reulen JPH, de Baets M, et al. Small fiber neuropathy: a common and important clinical disorder. J Neuro Sciences 2004; 227: 119-130.

Hoitsma E, Drent M, Sharma OP. A pragmatic approach to diagnosing and treating neurosarcoidosis in the 21st century. Cur Opin Pulm Med 2010; 16: 472-479.

Hoitsma E, De Vries J, Drent M. The small fiber neuropathy screening list: construction and cross-validation in sarcoidosis. Repir Med 2011; 105: 95-100.

Segal BM. Neurosarcoidosis: diagnostic approaches and therapeutic strategies. Curr Opin Neurol 2013; 26: 307-313.

Tavee JO, Stern BJ. Neurosarcoidosis. Continuum 2014; 20(3): 545-559.

Duhon BS, Shah L, Schmidt MH. Isolated intramedullary neurosarcoidosis of the thoracic spine: case report en review of the literature. Eur Spine J 2012; 21: S390-S395.

Drent M, Lower EE, De Vries J. Sarcoidosis-associated fatigue. Eur Respir J 2012; 40: 255–263.

Bartels S, Kyavar L, Blumstein N, et al. FDG PET findings leading to diagnosis of neurosarcoidosis. Clin Neurol Neurosurg 2013; 115: 85-88.

Kessel van A, Drent M. EPONIEM. Ernest Henri Besnier, Caesar Peter Møller Boeck, Jörgen Nilsen, Schaumann en sarcoïdose. Ned Tijdsch Reumatologie 2013; 4: 46-50.

Wang L, Li Y. Longitudinal ultra-extensive transverse myelitis as a manifestation of neurosarcoidosis. J Neurol Science 2015; 355 :64-67.

Shenoy N, Tesfaye M, Brown J, et al. Corticosteroid-resistant bulbar neurosarcoidosis responsive to intravenous immunoglobulin. Pract Neurol 2015; 15: 289-292.

van Manen M, Wapenaar M, Strookappe B, et al. Validation of the King’s Sarcoidosis Questionnaire (KSQ) in a Dutch sarcoidosis population. Sarcoidosis Vasc Diffuse Lung Dis 2016; 33: 75-82.

Voortman M. Inventarisatie manifestaties neurosarcoïdose; en het vaststellen van “best clinical practice” in diagnostiek en behandeling. Pulmoscript 2016; 27(3): 46-47.

Voortman M. Neurosarcoïdoseregister. Zoektocht naar verscheidenheid, vroegdiagnostiek en ‘best practices’. Sarcoscoop 2016; 35(4): 23.

Bathla G, Singh AK, Policeni B, et al. Imaging of neurosarcoidosis: common, uncommon and rare. Clin Rad 2016; 17: 96-106.

Leonhard SE, Fritz D, Eftimov F, et al. Neurosarcoidosis in a tertiary referral center. Medicine 2016; 95(14):1-8.

Comments are closed

STYLE SWITCHER

Header Style

Accent Color